Soms wordt het amper licht, gaat duister over in dagschemer,
hangen wolken bedsprei dik over drassige velden.
Vogels slaan met vleugels
trager dan hun hartslag.
Mensen stinken samen als woelmuizen
in versierde huizen
van schijnheiligheid en valse vrede
eten, drinken en misschien zelfs poepen
nog een keer
sinds lang niet meer
wentelend in de vadsigheid van een vast gereden eindejaar.
Gestopt met hollen nu de meet in zicht is.
Strompelend de laatste meters.
Lusteloos hangend van feest naar maaltijd overgoten met meer drank dan goed voor hen is.
Brallende families die verbroederen bij kritische promille’s proppen zich vol met kleinburgerlijke maaltijden geprepareerd met ingrediënten waar men normaal de dienst ‘ongediertebestrijding’ voor belt , maar nu vanwege de indigestie aan kookprogramma’s populair zijn bij hen die zich van hun kennerskant willen tonen.
Wijn uit streken waar men met geen stokken naar toe te krijgen is tenzij georganiseerd door Jetair en onder begeleiding van een immer vrolijke verkavelingsvlaams wauwelende hostess die zich de aandacht van de lokale alfa male ruggelings laat welgevallen.
Hopen , veel hopen…
Maar vooral potten vol stront en braaksel van teveel.
Foute cadeaus en boeken, ongelezen, torenhoog meegetroond naar huizen in beneveld zicht.
Jaaroverzichten van ellende en overleden bekenden die we ons al lang niet meer herinneren
Traag kruipen uren weg onder zeteldekentjes bij films die telkens weer opduiken als het jaar naar haar einde neigt
Maar daar, aan de einde van deze donkere nieuwjaarsgang gloort weer ochtend.
Het licht van een nieuw jaar waarin alles opnieuw kan worden voorgenomen,
alle zonden worden vergeven
in een cyclus van ijdele hoop die men het leven noemt.
woensdag 30 december 2009
dinsdag 29 december 2009
Overgave
Ik druk handen uit
die slaan en strelen
je vasthouden als je duizelt
Ik droom beelden
veel mooier
dan jouw stille zonsopgang
Ik verweek hersenen
om ze kauwbaar te maken
voor je tandenloze mond
Ik ben vastberadenheid
om je schoot te treffen
dieper dan je ziel
in weggevallen schaamte
terloops getoond
door naaktheid ontkleed
Ontdarm mijn lichaam
en vul me op met zachte watten
opdat het bloeden zou gestelpt worden
die slaan en strelen
je vasthouden als je duizelt
Ik droom beelden
veel mooier
dan jouw stille zonsopgang
Ik verweek hersenen
om ze kauwbaar te maken
voor je tandenloze mond
Ik ben vastberadenheid
om je schoot te treffen
dieper dan je ziel
in weggevallen schaamte
terloops getoond
door naaktheid ontkleed
Ontdarm mijn lichaam
en vul me op met zachte watten
opdat het bloeden zou gestelpt worden
Een welgemeende middelvinger
Ik leef met opgestoken middelvinger.
Er zijn er die dit bijzonder puberaal vinden.
Het is net voor hen dat ik mijn middelvinger opsteek, want zelfs al beweren ze dat die vinger hen niet deert en dat het slechts een uiting van onvolwassenheid is geloof ik hen niet.
Die welgemeende “fuck you” deert hen weldegelijk. Het irriteert hen.
De goegemeente is verzadigd met middel- en ondermaatse figuren. Mensen wier inventiviteit en originaliteit zowat omgekeerd evenredig is met hun maatschappelijke deugdelijkheid. Waar zesjes en zevens de norm zijn.
Onze leidende politieke partijen staan voor deze matigheid garant.
De personificatie van de mediocritaire tirannie is onze huidige eerste minister. Aan hem zal ik echter geen woorden meer vuil maken omdat elk woord over deze minus habens er één teveel is. Zijn voorganger was al niet veel beter en bewijst op een wrang ironische manier dat door niet op te vallen en niemand voor het hoofd te stoten men de ‘hoogste post’ in Europa kan pakken. ( let op de aanhalingstekens)
Het sarcasme van de leiders uit de Europese landen die uiteindelijk beslissen wie er op de hoogste stoel komt te zitten is jaloersmakend! De poten onder de eigen gecreëerde presidentstoel van Europa afzagen door er een non-figuur op te zetten om alzo het eeuwige licht wat langer op zichzelf te kunnen laten schijnen.
Ik moet zeggen dat ik daar veel respect voor kan opbrengen.
Maar in België en meer in het bijzonder in Vlaanderen vieren we feest. Eén van ons staat op het hoogste politieke schavot! De helft van de wereld ligt in een deuk, maar wij, wij zijn blij en trots. Het bewijst volgens de ingeslapen kudde dat rustige vastheid de manier is om er te geraken!
Bescheidenheid, ‘rustige vastheid’ –godbetert- vinden wij een hoog goed.
We roemen onze bedaardheid, ons vermeend evenwicht die door sommigen zelfs degelijkheid wordt genoemd.
Wat zijn we een degelijk volkje!
Excessen worden gemeden want tengevolge van onze godsvruchtige hersenspoeling die 80 procent van de Vlaamse bevolking door het verzuilde schoolsysteem heeft ondergaan weten we dat hoogmoed voor den val komt . De andere 20 procent bleef van deze spoeling gevrijwaard maar aapt gretig de meerderheid na waarbij ze deemoedig toegeven dat geloof toch wel nastrevenswaardige ethische waarden heeft bijgebracht .
“Waarden die de filosofische en communautaire tegenstellingen overstijgen!”
Hebt u dat ook horen verkondigen door het anachronisme bij uitstek ter gelegenheid van de kerstboodschap ( het woord alleen al)?
Heeft iemand die zin al eens goed ontleed?
Het ging uiteraard over die over het paard getilde Pater Damiaan. Wat onze communautaire tegenstellingen daarmee te maken hebben ontgaat me echter volledig tenzij het de bedoeling was een tekst te produceren waarin dit woord op zijn minst een keer voorkwam.
Mensen die zich anders gedragen worden gemeden als de pest en vooral gestigmatiseerd als onverantwoordelijk, infantiel en subversief. Uiteraard want ze vormen een bedreiging voor het grijze evenwicht die de Vlaming zo dierbaar is.
We zijn geen hemelbestormers, neen meneer, het zot in de kop is voor de koe die niet gemolken werd!
Ik steek mijn middelvinger op naar diegenen die vinden dat wie zich buiten de middelmaat durft te profileren het zwijgen zouden moeten worden opgelegd.
Ik weiger me neer te leggen bij rustige vastheid als slogan gelanceerd door een Haiku dichtsmurf.
Ik protesteer tegen de zogenoemde ‘gevoeligheden van een gemeenschap’ als excuus om dan maar zijn mond te houden.
Een gezonde democratie heeft nood aan mensen die op tenen trappen en die zich geen moer aantrekken van weekhartigheid omtrent vermeende tradities of goden.
Ik haat bescheidenheid want ze is bijna altijd vals. Zeker hier in de Vlaamse polders.
Ik steek mijn middelvinger op naar culturele gewoontes van hier of van elders.
Ze doen maar, maar mij moeten ze godverdomme gerust laten.
Laat ze me maar puberaal vinden of onvolwassen of een agitator.
Evolutie ontstaat bij gratie van onrust en strijd.
Zelfs Darwin wist dit al.
Er zijn er die dit bijzonder puberaal vinden.
Het is net voor hen dat ik mijn middelvinger opsteek, want zelfs al beweren ze dat die vinger hen niet deert en dat het slechts een uiting van onvolwassenheid is geloof ik hen niet.
Die welgemeende “fuck you” deert hen weldegelijk. Het irriteert hen.
De goegemeente is verzadigd met middel- en ondermaatse figuren. Mensen wier inventiviteit en originaliteit zowat omgekeerd evenredig is met hun maatschappelijke deugdelijkheid. Waar zesjes en zevens de norm zijn.
Onze leidende politieke partijen staan voor deze matigheid garant.
De personificatie van de mediocritaire tirannie is onze huidige eerste minister. Aan hem zal ik echter geen woorden meer vuil maken omdat elk woord over deze minus habens er één teveel is. Zijn voorganger was al niet veel beter en bewijst op een wrang ironische manier dat door niet op te vallen en niemand voor het hoofd te stoten men de ‘hoogste post’ in Europa kan pakken. ( let op de aanhalingstekens)
Het sarcasme van de leiders uit de Europese landen die uiteindelijk beslissen wie er op de hoogste stoel komt te zitten is jaloersmakend! De poten onder de eigen gecreëerde presidentstoel van Europa afzagen door er een non-figuur op te zetten om alzo het eeuwige licht wat langer op zichzelf te kunnen laten schijnen.
Ik moet zeggen dat ik daar veel respect voor kan opbrengen.
Maar in België en meer in het bijzonder in Vlaanderen vieren we feest. Eén van ons staat op het hoogste politieke schavot! De helft van de wereld ligt in een deuk, maar wij, wij zijn blij en trots. Het bewijst volgens de ingeslapen kudde dat rustige vastheid de manier is om er te geraken!
Bescheidenheid, ‘rustige vastheid’ –godbetert- vinden wij een hoog goed.
We roemen onze bedaardheid, ons vermeend evenwicht die door sommigen zelfs degelijkheid wordt genoemd.
Wat zijn we een degelijk volkje!
Excessen worden gemeden want tengevolge van onze godsvruchtige hersenspoeling die 80 procent van de Vlaamse bevolking door het verzuilde schoolsysteem heeft ondergaan weten we dat hoogmoed voor den val komt . De andere 20 procent bleef van deze spoeling gevrijwaard maar aapt gretig de meerderheid na waarbij ze deemoedig toegeven dat geloof toch wel nastrevenswaardige ethische waarden heeft bijgebracht .
“Waarden die de filosofische en communautaire tegenstellingen overstijgen!”
Hebt u dat ook horen verkondigen door het anachronisme bij uitstek ter gelegenheid van de kerstboodschap ( het woord alleen al)?
Heeft iemand die zin al eens goed ontleed?
Het ging uiteraard over die over het paard getilde Pater Damiaan. Wat onze communautaire tegenstellingen daarmee te maken hebben ontgaat me echter volledig tenzij het de bedoeling was een tekst te produceren waarin dit woord op zijn minst een keer voorkwam.
Mensen die zich anders gedragen worden gemeden als de pest en vooral gestigmatiseerd als onverantwoordelijk, infantiel en subversief. Uiteraard want ze vormen een bedreiging voor het grijze evenwicht die de Vlaming zo dierbaar is.
We zijn geen hemelbestormers, neen meneer, het zot in de kop is voor de koe die niet gemolken werd!
Ik steek mijn middelvinger op naar diegenen die vinden dat wie zich buiten de middelmaat durft te profileren het zwijgen zouden moeten worden opgelegd.
Ik weiger me neer te leggen bij rustige vastheid als slogan gelanceerd door een Haiku dichtsmurf.
Ik protesteer tegen de zogenoemde ‘gevoeligheden van een gemeenschap’ als excuus om dan maar zijn mond te houden.
Een gezonde democratie heeft nood aan mensen die op tenen trappen en die zich geen moer aantrekken van weekhartigheid omtrent vermeende tradities of goden.
Ik haat bescheidenheid want ze is bijna altijd vals. Zeker hier in de Vlaamse polders.
Ik steek mijn middelvinger op naar culturele gewoontes van hier of van elders.
Ze doen maar, maar mij moeten ze godverdomme gerust laten.
Laat ze me maar puberaal vinden of onvolwassen of een agitator.
Evolutie ontstaat bij gratie van onrust en strijd.
Zelfs Darwin wist dit al.
donderdag 24 december 2009
Paso doble
Zijdelings-ver blijft ze staan met onbewogen woede
hoofd in kwartslag
walging is meester van verleden schoonheid
haar armen hangen slap langs een vormeloze jas met schouders als ingenaaid,
maar een vogelschrik dat was ze al
ooit had ze gewandeld in kruisende passen die haar heupen deden wiegen
op dreigend hoge hakken
voor enkels, nooit verzwikt
nu puilt pafferigheid uit lage schoenen met rubberzool
onder purperen kabels in vele slingers
matglas in de ogen
breekbaar dunne haren schamel verzameld tussen borstelbeurten
bewaarde nietszeggendheden in druk bewerkte kistjes
waarin foto’s met bevende vingers worden gestreeld
’s nachts schreeuwt ze om vervlogen antwoorden
terug in luiers
bijna is de cirkel rond
beelden verwarren haar en mensen evenzo
kon deze hel maar stoppen!
waar is klaarheid heen?
zenuwslopend doolhof van toen en nu, nimmer meer te scheiden
honger met uitgedroogde mond verslikt zich in prakjes
af en toe klinkt een Paso doble en wil ze dansen
als toen,
met spotlichten
dan voelt ze terug de warme gloed in uitgedoofde schoot
doch meer dan pis is er niet
kwaad om onbegrip
buiten legt de winter de straat het zwijgen op.
hoofd in kwartslag
walging is meester van verleden schoonheid
haar armen hangen slap langs een vormeloze jas met schouders als ingenaaid,
maar een vogelschrik dat was ze al
ooit had ze gewandeld in kruisende passen die haar heupen deden wiegen
op dreigend hoge hakken
voor enkels, nooit verzwikt
nu puilt pafferigheid uit lage schoenen met rubberzool
onder purperen kabels in vele slingers
matglas in de ogen
breekbaar dunne haren schamel verzameld tussen borstelbeurten
bewaarde nietszeggendheden in druk bewerkte kistjes
waarin foto’s met bevende vingers worden gestreeld
’s nachts schreeuwt ze om vervlogen antwoorden
terug in luiers
bijna is de cirkel rond
beelden verwarren haar en mensen evenzo
kon deze hel maar stoppen!
waar is klaarheid heen?
zenuwslopend doolhof van toen en nu, nimmer meer te scheiden
honger met uitgedroogde mond verslikt zich in prakjes
af en toe klinkt een Paso doble en wil ze dansen
als toen,
met spotlichten
dan voelt ze terug de warme gloed in uitgedoofde schoot
doch meer dan pis is er niet
kwaad om onbegrip
buiten legt de winter de straat het zwijgen op.
maandag 21 december 2009
Verkalking
vroeg dag werd het wel vaker naarmate leef tijd gekort was
geslofte stappen tot kwastige borstels die sneeuwwit wrijven
scherp, nieuw op oud papier
glad geschoren koude waait om zijn wang
als hij de deur uitkomt…
zelden nog
kraakt zijn stem
dag bakker, warm
geurend naar koffie die er wordt bij gedacht
het gaat als gesneden koek,er amper in
uitneembaar gebit staat op sterk water te lachen
vergeten!
dat wordt doppen in koffie, nu met bekers
diepe groeven vertellen van vroeger en weleer
tijden dat zij er nog was en bezoek nog niet zeldzaam
de klok tikt
te luid
stilte laat zich niet verdrijven als doofheid waardevol wordt
wachten,
alsmaar
tot ’s morgens geen helderheid meer brengt
en wat vergeten moest worden,
het voor altijd is.
geslofte stappen tot kwastige borstels die sneeuwwit wrijven
scherp, nieuw op oud papier
glad geschoren koude waait om zijn wang
als hij de deur uitkomt…
zelden nog
kraakt zijn stem
dag bakker, warm
geurend naar koffie die er wordt bij gedacht
het gaat als gesneden koek,er amper in
uitneembaar gebit staat op sterk water te lachen
vergeten!
dat wordt doppen in koffie, nu met bekers
diepe groeven vertellen van vroeger en weleer
tijden dat zij er nog was en bezoek nog niet zeldzaam
de klok tikt
te luid
stilte laat zich niet verdrijven als doofheid waardevol wordt
wachten,
alsmaar
tot ’s morgens geen helderheid meer brengt
en wat vergeten moest worden,
het voor altijd is.
woensdag 16 december 2009
Wintervacht
als leegte onze hoofden vult
brengt kilte
witgerijpte windstilte
in mijn gemoed
ik adem lucht,
te koud om te delen
en kijk gebroken door
bevroren hoornvlies
ijsknikkers als oogballen
smelten langzaam tranen
tot gesloten oogleden
slap in hun kassen hangen
grijsblauw kleurt
deze ijsdag
van dorre takken
die krakend zwijgen
nog, zal ik enkel wezen
tot lentelief de kou verzacht
verzet, gebroken opgegeven
diep verdoken in jouw wintervacht
brengt kilte
witgerijpte windstilte
in mijn gemoed
ik adem lucht,
te koud om te delen
en kijk gebroken door
bevroren hoornvlies
ijsknikkers als oogballen
smelten langzaam tranen
tot gesloten oogleden
slap in hun kassen hangen
grijsblauw kleurt
deze ijsdag
van dorre takken
die krakend zwijgen
nog, zal ik enkel wezen
tot lentelief de kou verzacht
verzet, gebroken opgegeven
diep verdoken in jouw wintervacht
donderdag 10 december 2009
Ik probeer
je bent mijn muze
in hartezeer
en door jou wil ik jezelf worden
tot pijnlijke borsten eens per maand
misschien zelfs samen bloeden
mijn buik zien zwellen
in verwachting van geboorteleed
pijn voelen die alleen jij kan weten
tot mijn botten broos worden
en breken door opgedroogde klieren
ik wil je opvliegers
dan krijg jij mijn radeloosheid
over vervlogen sterkte
van gekunstelde lichamen
enkel jong in onze hoofden
drinken om te vergeten
maar vooral dichtbij zijn
om te herinneren dat wat jij bent
niets anders is dan wat ik hoop
Slapen omdat alles veel minder is
door mijn- te weinig -
en dat ik geen ander ben
dan jij veel meer verdient.
je bent mijn muze
in hartezeer
en door jou wil ik jezelf worden
tot pijnlijke borsten eens per maand
misschien zelfs samen bloeden
mijn buik zien zwellen
in verwachting van geboorteleed
pijn voelen die alleen jij kan weten
tot mijn botten broos worden
en breken door opgedroogde klieren
ik wil je opvliegers
dan krijg jij mijn radeloosheid
over vervlogen sterkte
van gekunstelde lichamen
enkel jong in onze hoofden
drinken om te vergeten
maar vooral dichtbij zijn
om te herinneren dat wat jij bent
niets anders is dan wat ik hoop
Slapen omdat alles veel minder is
door mijn- te weinig -
en dat ik geen ander ben
dan jij veel meer verdient.
woensdag 9 december 2009
Onbegrip
‘Je begrijpt er niets van’, was het eerste wat in me opkwam toen ik een reactie las op een poëtisch stukje dat ik ergens schreef.
‘Jij hebt gewoonweg geen flauw benul welk beeld in mijn hoofd leefde als ik dit schreef’.
Wel ja, het is een pedante gedachte maar ze is wel eerlijk.
‘Je hebt het helemaal niet begrepen en daar draait het uiteindelijk allemaal om.’
Het vat de essentie van onze communicatie samen.
Het toont ons de eenzaamheid van onze gevoelens zelfs al delen we ze met anderen.
Het besje meende een paar stijlcorrecties te moeten aanbrengen en interpreteerde een woord dat ik gebruikte overtuigd verkeerd. Ze was ongetwijfeld een op rust gestelde lerares Nederlands of misschien zelfs ooit corrector bij een periodiekje waarvan de lichtheid, die van haar intellect overtrof. Wat er ook van zij, het schraalpruimpje ontwaarde weliswaar enkele dichterlijke kwaliteiten maar voorzag heel wat schaaf- en timmerwerk.
‘Je begrijpt er niets van’, dacht ik weer.
In een poging vat te krijgen op haar leefwereld ging ik op zoek naar teksten die zij eventueel zou hebben geschreven, ervan uitgaande dat iemand die de pretentie heeft verbeteringen aan te moeten brengen zelf een indrukwekkend oeuvre moest bijeen geschreven hebben.
Teleurstelling was mijn deel.
De in de nabije toekomst waarschijnlijk veelvuldig gehanteerde uitdrukking - droger dan de Sahara na een mislukte klimaattop- bleek van toepassing op haar literaire portfolio.
Dit hoeft natuurlijk geen belemmering te zijn om kritiek te spuien gezien de lezer eveneens haar rechten heeft, doch de stelligheid waarmee ze de opmerkingen formuleerde deed me blijkbaar ten onrechte vermoeden dat er meer moest zijn dan, dat, wat ik van het digitale scharrelkipje kon terugvinden.
Ik hield er een, ondertussen bij vriend en vijand gekende en beruchte, filosofische reflectie over.
Het rund begreep me niet, terwijl wat ik schreef onmiskenbaar -weliswaar nog niet algemeen bekend- wereldliteratuur was.
Hoe kwam dat toch?
Kon het liggen aan haar laag IQ?
Dat geloofde ik niet want de stijl die ze hanteerde getuigde van enige ontwikkeling die zou voldoende moeten zijn om het te begrijpen.
Misschien was wat ik schreef helemaal niet zo fantastisch als mijn megalomane geest wel vermoedde. Megalomaan zijnde, verwierp ik al snel deze hypothese.
Ik moest uiteindelijk tot de onstellende vaststelling komen dat het gewoonweg niet meer dan normaal was.
Niemand begreep elkaar, echt.
Soms ontstaat wel de indruk dat we elkaar begrijpen en voor dagelijks gebruik is dat meestal voldoende. Bovendien is mogelijks onbegrip ingecalculeerd in onze handelingen , zeker wanneer we zaken of transacties met elkaar doen.
Maar als het gaat om gevoelens begrijpen we elkaar nooit.
We transponeren uitgedrukte emoties eenvoudig weg op onze eigen belevingswereld
Hierdoor kan de zelfverklaarde schrijver nog zo zijn best doen om een gevoel exact weer te geven, fundamenteel blijft hij onbegrepen.
Het stemt tot nadenken vind ik.
Maar het stemt vooral tot zwijgen.
Misschien moest ik daar maar eens lessen beginnen uit te trekken.
‘Jij hebt gewoonweg geen flauw benul welk beeld in mijn hoofd leefde als ik dit schreef’.
Wel ja, het is een pedante gedachte maar ze is wel eerlijk.
‘Je hebt het helemaal niet begrepen en daar draait het uiteindelijk allemaal om.’
Het vat de essentie van onze communicatie samen.
Het toont ons de eenzaamheid van onze gevoelens zelfs al delen we ze met anderen.
Het besje meende een paar stijlcorrecties te moeten aanbrengen en interpreteerde een woord dat ik gebruikte overtuigd verkeerd. Ze was ongetwijfeld een op rust gestelde lerares Nederlands of misschien zelfs ooit corrector bij een periodiekje waarvan de lichtheid, die van haar intellect overtrof. Wat er ook van zij, het schraalpruimpje ontwaarde weliswaar enkele dichterlijke kwaliteiten maar voorzag heel wat schaaf- en timmerwerk.
‘Je begrijpt er niets van’, dacht ik weer.
In een poging vat te krijgen op haar leefwereld ging ik op zoek naar teksten die zij eventueel zou hebben geschreven, ervan uitgaande dat iemand die de pretentie heeft verbeteringen aan te moeten brengen zelf een indrukwekkend oeuvre moest bijeen geschreven hebben.
Teleurstelling was mijn deel.
De in de nabije toekomst waarschijnlijk veelvuldig gehanteerde uitdrukking - droger dan de Sahara na een mislukte klimaattop- bleek van toepassing op haar literaire portfolio.
Dit hoeft natuurlijk geen belemmering te zijn om kritiek te spuien gezien de lezer eveneens haar rechten heeft, doch de stelligheid waarmee ze de opmerkingen formuleerde deed me blijkbaar ten onrechte vermoeden dat er meer moest zijn dan, dat, wat ik van het digitale scharrelkipje kon terugvinden.
Ik hield er een, ondertussen bij vriend en vijand gekende en beruchte, filosofische reflectie over.
Het rund begreep me niet, terwijl wat ik schreef onmiskenbaar -weliswaar nog niet algemeen bekend- wereldliteratuur was.
Hoe kwam dat toch?
Kon het liggen aan haar laag IQ?
Dat geloofde ik niet want de stijl die ze hanteerde getuigde van enige ontwikkeling die zou voldoende moeten zijn om het te begrijpen.
Misschien was wat ik schreef helemaal niet zo fantastisch als mijn megalomane geest wel vermoedde. Megalomaan zijnde, verwierp ik al snel deze hypothese.
Ik moest uiteindelijk tot de onstellende vaststelling komen dat het gewoonweg niet meer dan normaal was.
Niemand begreep elkaar, echt.
Soms ontstaat wel de indruk dat we elkaar begrijpen en voor dagelijks gebruik is dat meestal voldoende. Bovendien is mogelijks onbegrip ingecalculeerd in onze handelingen , zeker wanneer we zaken of transacties met elkaar doen.
Maar als het gaat om gevoelens begrijpen we elkaar nooit.
We transponeren uitgedrukte emoties eenvoudig weg op onze eigen belevingswereld
Hierdoor kan de zelfverklaarde schrijver nog zo zijn best doen om een gevoel exact weer te geven, fundamenteel blijft hij onbegrepen.
Het stemt tot nadenken vind ik.
Maar het stemt vooral tot zwijgen.
Misschien moest ik daar maar eens lessen beginnen uit te trekken.
zondag 6 december 2009
Langer dan seconden
omringd door trage bomen
waar doorheen regen,
grijs als scheldeslib
wordt licht gekaderd
in breekbare uren
van haperende seconden
het streelt mijn tijd
door dwingend geluk
op smalle handen gedragen
twijfelweer tijdens winterherfst
ontvetert jouw grenzen
en legt ze naast me neer
donderdag 3 december 2009
Naweeën
Ze had moederkoek teveel dus besloot ze die te delen.
Met gehaaste trots spoedde ze zich naar de dichtst bijgelegen vrijdagsmarkt en installeerde zich een geïmproviseerd kraam.
Twee stoelen met een plank erop.
Een kleine plant met vuilroze bloemen geassorteerd met de kleur van de koek plaatste ze in de rechter voorhoek.
En nu maar wachten.
Het regende niet, wat haar bijkomstig gelukkig maakte. Een paraplu had ze in haar gejaagdheid namelijk vergeten.
De koek ademde witte stoomwokjes van moederschootwarmte. Hij had een gezonde roze blos.
Veel kijklustigen maar weinig gegadigden, bedacht ze licht verontrust.
Hij bleef natuurlijk niet eeuwig goed!
De euforie van de nageboorte zorgde ervoor dat ze de verschrikte blikken, noch het afkeurende gemompel hoorde.
Langzaam maar zeker werd in brede bogen om haar heen gelopen en een vermetel mannetje met wat meelijwekkende burgerzin had het zelfs nodig geacht een lokale veldwachter aan te spreken over deze onwelvoegelijkheid die zich ongetwijfeld afspeelde in de schemerzone van de openbare zedenschennis.
Na enkele uren koukleumen waarbij de bloederige koeienvlaai van rozerood naar purperblauw verkleurde bleef plots een oude man voor haar kraampje staan.
“Hoeveel” vroeg hij bedeesd, terwijl hij met zijn kin een korte opwaartse beweging maakte?
“Ach, meneer hij is al koud geworden” jammerde ze.
“Geen erg, ik ga hem toch begraven” sprak de man.
“Begraven” vroeg ze angstig?
“En vervolgens plant ik er een boom bovenop” ging hij onverstoord verder.
“Jeetje, waarom zou je dat doen” vroeg ze?
“Ik wil een boom met een sterke tak, waaraan ik een schommel kan hangen” zei de man.
“Als jouw kindje groot genoeg is mag die dan komen schommelen in mijn tuin.”
“Leuk”, zei ze, “in dat geval is hij gratis!”
Ze nam de ochtendkrant en wikkelde de koek in haar vliezen om ze vervolgens in de krant te verpakken.
De man stapte statig met het pakje onder de arm weg.
Een valse glimlach verscheen op zijn gezicht terwijl hij de kop van zijn kwispelende hond aaide.
Rustig jongen, straks als we thuis zijn!
Met gehaaste trots spoedde ze zich naar de dichtst bijgelegen vrijdagsmarkt en installeerde zich een geïmproviseerd kraam.
Twee stoelen met een plank erop.
Een kleine plant met vuilroze bloemen geassorteerd met de kleur van de koek plaatste ze in de rechter voorhoek.
En nu maar wachten.
Het regende niet, wat haar bijkomstig gelukkig maakte. Een paraplu had ze in haar gejaagdheid namelijk vergeten.
De koek ademde witte stoomwokjes van moederschootwarmte. Hij had een gezonde roze blos.
Veel kijklustigen maar weinig gegadigden, bedacht ze licht verontrust.
Hij bleef natuurlijk niet eeuwig goed!
De euforie van de nageboorte zorgde ervoor dat ze de verschrikte blikken, noch het afkeurende gemompel hoorde.
Langzaam maar zeker werd in brede bogen om haar heen gelopen en een vermetel mannetje met wat meelijwekkende burgerzin had het zelfs nodig geacht een lokale veldwachter aan te spreken over deze onwelvoegelijkheid die zich ongetwijfeld afspeelde in de schemerzone van de openbare zedenschennis.
Na enkele uren koukleumen waarbij de bloederige koeienvlaai van rozerood naar purperblauw verkleurde bleef plots een oude man voor haar kraampje staan.
“Hoeveel” vroeg hij bedeesd, terwijl hij met zijn kin een korte opwaartse beweging maakte?
“Ach, meneer hij is al koud geworden” jammerde ze.
“Geen erg, ik ga hem toch begraven” sprak de man.
“Begraven” vroeg ze angstig?
“En vervolgens plant ik er een boom bovenop” ging hij onverstoord verder.
“Jeetje, waarom zou je dat doen” vroeg ze?
“Ik wil een boom met een sterke tak, waaraan ik een schommel kan hangen” zei de man.
“Als jouw kindje groot genoeg is mag die dan komen schommelen in mijn tuin.”
“Leuk”, zei ze, “in dat geval is hij gratis!”
Ze nam de ochtendkrant en wikkelde de koek in haar vliezen om ze vervolgens in de krant te verpakken.
De man stapte statig met het pakje onder de arm weg.
Een valse glimlach verscheen op zijn gezicht terwijl hij de kop van zijn kwispelende hond aaide.
Rustig jongen, straks als we thuis zijn!
woensdag 2 december 2009
Traditionele kerstwensen
Ik zet dit jaar geen kerstboom.
Het is een ‘statement’ in dit pseudokatholieke landje dat vasthoudt aan zijn joods-christelijke traditie.
Ja, ja,… ik hoor de haarklovers al roepen: “ Een kerstboom is helemaal geen religieus symbool, het is een vóór-christelijk, heidens vruchtbaarheidssymbool! De groenblijvende boom vertegenwoordigt daarin de vernieuwing van het leven.” Voor dergelijke would-be intellectuele lapzwansen heb ik maar één antwoord.
FUCK OFF!
Er bestaat in deze contreien namelijk een onmiskenbare link tussen het Kerstfeest, waar de geboorte van Jezus wordt gevierd en de kerstboom.
Tot spijt van wie het benijdt.
Dat niet alle mensen er dezelfde religieuze betekenis aan geven bevestigt mijn eerdere stelling dat we een pseudochristelijk land zijn. Het is ondermeer het voorvoegsel dat me stoort.
Het is mossel noch vis. Lekker gebruiken wat leuk is en wegwerpen wat vervelend is.
Dit land houdt van op maat gesneden tradities die naar eigen welbevinden worden ingevuld. “En dan”denkt u?
“Als we maar kunnen lachen, nietwaar”?
Wel, ik vind dit helemaal niet zo vrijblijvend.
Om het scherper te stellen: ik heb het liever puur en onversneden. Dan weet een mens tenminste waar hij aan toe is en kan hij protesteren tegen datgene waartegen gezonde weldenkendheid geen alternatief laat.
Door deze halfzachtheid, waarop ons landje en bij uitbreiding het reeds lang ter ziele gegaan Katholieke geloof in deze streken, een patent lijkt te hebben weet niemand nog echt, wat waar voor staat en worden symbolen en tekens gebezigd wanneer het de verschillende protagonisten goed uitkomt.
De commercie bijvoorbeeld.
Onder het mom van het zogenaamd tegemoetkomen aan een vraag van de klant is de kleine en zelfs multinationale zelfstandige bereid elk principe op te geven om het koopvee te bedienen op hun wenken.
Kerstbomen, kerststallen, kerstmannen, Sinterklaas, eerste en plechtige communies,…
De kassa rinkelt altijd even hard.
Maar meneer,toch!
U bent een azijnpisser!
Dit is geen uiting van geloof! Dit is culturele traditie!
En daar houden wij Vlamingen van, een zwart verleden indachtig.
Welaan dan.
Wat voor de ene geldt moet ook voor de andere kunnen of niet soms?
Een kerstboom in het stadhuis is een uiting van culturele traditie en geen religieus symbool?
De halve stad op stelten als Sinterklaas binnenvaart toont ons cultureel erfgoed?
Mij niet gelaten, maar als Vlamingen zo verknocht zijn aan hun tradities moeten zij zich toch ook kunnen voorstellen dat allochtonen er andere hebben?
Dan mogen zij die toch ook eren?
Ik denk bijgevolg dat het dragen van een hoofddoek met eenzelfde redenering perfect als uiting van culturele traditie zou kunnen gecatalogeerd worden.
Weliswaar in oorsprong religieus - hoewel er zelfs zijn die dat in twijfel trekken - maar ondertussen steeds meer verworden tot symbool van hun cultuur.
Ook deze traditie vind ik al even malloot als die van de kerstboom.
Maar wat zou het geven.
Het bevordert, naar eigen zeggen, de cohesie onder de aanhangers van de traditie.
Mijn betoog begon met het feit dat men het symbool van de kerstboom niet zomaar kan loskoppelen van het geloof.
Met de hoofddoek is dat natuurlijk niet anders.
Maar zolang autochtonen zich wentelen in culturele geplogenheden met religieuze inslag, moet men niet verwachten dat ze op mijn steun zullen kunnen rekenen om de moslims die van hen te gaan verbieden.
Een kerstboom in huis halen en deze behangen met ballen en slingers, godbetert, is een traditie.
Ik ben er echter van overtuigd dat tradities er zijn om uiteindelijk gebroken te worden.
Het is toch redelijk veilig te stellen dat tradities iets met bewaren te maken hebben
Ze moeten voortdurend doorgegeven worden, daardoor blijven ze bewaard.
Traditie komt van het Latijnse tradere, wat ‘handelen’ betekent.
De traditie bewaart iets door het te verhandelen, door het van hand tot hand te laten gaan. Traditie is een handeling, een activiteit.
Je behoudt ze, door ze te onderhouden
In deze laatste zin ontwaart men het gevaar die een traditie inhoudt.
Een traditie is per definitie behoudsgezind.
Daarom zullen we tradities koesteren want de doorsnee mens is nu eenmaal conservatief .
We kunnen er veiligheid en sociale cohesie in vinden -sommigen vinden het zelfs gezellig - doch door ze mordicus in stand te houden ontstaat er willens nillens een starheid.
Tradities dwingen ons tot denken binnen het kader.
Ze verwerpen wat afwijkt van de norm.
Mochten we met zijn allen wat losser omspringen met tradities en hierdoor wat minder traditioneel gedrag vertonen, de wereld zou heel wat vreedzamer zijn.
Want tegenover de veelkleurigheid die traditie aan ons leven geeft, is er ook haar monochrome rode kleur van bloed wanneer men haar wil vrijwaren of opdringen.
Daarom wens ik prettige kerstdagen aan alle mensen van goede wil!
En voor de anderen hetzelfde maar vergezeld van ‘bloedend speen’ als symbool voor de keerzijde van de medaille.
Het is een ‘statement’ in dit pseudokatholieke landje dat vasthoudt aan zijn joods-christelijke traditie.
Ja, ja,… ik hoor de haarklovers al roepen: “ Een kerstboom is helemaal geen religieus symbool, het is een vóór-christelijk, heidens vruchtbaarheidssymbool! De groenblijvende boom vertegenwoordigt daarin de vernieuwing van het leven.” Voor dergelijke would-be intellectuele lapzwansen heb ik maar één antwoord.
FUCK OFF!
Er bestaat in deze contreien namelijk een onmiskenbare link tussen het Kerstfeest, waar de geboorte van Jezus wordt gevierd en de kerstboom.
Tot spijt van wie het benijdt.
Dat niet alle mensen er dezelfde religieuze betekenis aan geven bevestigt mijn eerdere stelling dat we een pseudochristelijk land zijn. Het is ondermeer het voorvoegsel dat me stoort.
Het is mossel noch vis. Lekker gebruiken wat leuk is en wegwerpen wat vervelend is.
Dit land houdt van op maat gesneden tradities die naar eigen welbevinden worden ingevuld. “En dan”denkt u?
“Als we maar kunnen lachen, nietwaar”?
Wel, ik vind dit helemaal niet zo vrijblijvend.
Om het scherper te stellen: ik heb het liever puur en onversneden. Dan weet een mens tenminste waar hij aan toe is en kan hij protesteren tegen datgene waartegen gezonde weldenkendheid geen alternatief laat.
Door deze halfzachtheid, waarop ons landje en bij uitbreiding het reeds lang ter ziele gegaan Katholieke geloof in deze streken, een patent lijkt te hebben weet niemand nog echt, wat waar voor staat en worden symbolen en tekens gebezigd wanneer het de verschillende protagonisten goed uitkomt.
De commercie bijvoorbeeld.
Onder het mom van het zogenaamd tegemoetkomen aan een vraag van de klant is de kleine en zelfs multinationale zelfstandige bereid elk principe op te geven om het koopvee te bedienen op hun wenken.
Kerstbomen, kerststallen, kerstmannen, Sinterklaas, eerste en plechtige communies,…
De kassa rinkelt altijd even hard.
Maar meneer,toch!
U bent een azijnpisser!
Dit is geen uiting van geloof! Dit is culturele traditie!
En daar houden wij Vlamingen van, een zwart verleden indachtig.
Welaan dan.
Wat voor de ene geldt moet ook voor de andere kunnen of niet soms?
Een kerstboom in het stadhuis is een uiting van culturele traditie en geen religieus symbool?
De halve stad op stelten als Sinterklaas binnenvaart toont ons cultureel erfgoed?
Mij niet gelaten, maar als Vlamingen zo verknocht zijn aan hun tradities moeten zij zich toch ook kunnen voorstellen dat allochtonen er andere hebben?
Dan mogen zij die toch ook eren?
Ik denk bijgevolg dat het dragen van een hoofddoek met eenzelfde redenering perfect als uiting van culturele traditie zou kunnen gecatalogeerd worden.
Weliswaar in oorsprong religieus - hoewel er zelfs zijn die dat in twijfel trekken - maar ondertussen steeds meer verworden tot symbool van hun cultuur.
Ook deze traditie vind ik al even malloot als die van de kerstboom.
Maar wat zou het geven.
Het bevordert, naar eigen zeggen, de cohesie onder de aanhangers van de traditie.
Mijn betoog begon met het feit dat men het symbool van de kerstboom niet zomaar kan loskoppelen van het geloof.
Met de hoofddoek is dat natuurlijk niet anders.
Maar zolang autochtonen zich wentelen in culturele geplogenheden met religieuze inslag, moet men niet verwachten dat ze op mijn steun zullen kunnen rekenen om de moslims die van hen te gaan verbieden.
Een kerstboom in huis halen en deze behangen met ballen en slingers, godbetert, is een traditie.
Ik ben er echter van overtuigd dat tradities er zijn om uiteindelijk gebroken te worden.
Het is toch redelijk veilig te stellen dat tradities iets met bewaren te maken hebben
Ze moeten voortdurend doorgegeven worden, daardoor blijven ze bewaard.
Traditie komt van het Latijnse tradere, wat ‘handelen’ betekent.
De traditie bewaart iets door het te verhandelen, door het van hand tot hand te laten gaan. Traditie is een handeling, een activiteit.
Je behoudt ze, door ze te onderhouden
In deze laatste zin ontwaart men het gevaar die een traditie inhoudt.
Een traditie is per definitie behoudsgezind.
Daarom zullen we tradities koesteren want de doorsnee mens is nu eenmaal conservatief .
We kunnen er veiligheid en sociale cohesie in vinden -sommigen vinden het zelfs gezellig - doch door ze mordicus in stand te houden ontstaat er willens nillens een starheid.
Tradities dwingen ons tot denken binnen het kader.
Ze verwerpen wat afwijkt van de norm.
Mochten we met zijn allen wat losser omspringen met tradities en hierdoor wat minder traditioneel gedrag vertonen, de wereld zou heel wat vreedzamer zijn.
Want tegenover de veelkleurigheid die traditie aan ons leven geeft, is er ook haar monochrome rode kleur van bloed wanneer men haar wil vrijwaren of opdringen.
Daarom wens ik prettige kerstdagen aan alle mensen van goede wil!
En voor de anderen hetzelfde maar vergezeld van ‘bloedend speen’ als symbool voor de keerzijde van de medaille.
dinsdag 1 december 2009
Balans
soms tekent geluk
een druilerige regendag in mei
als overgave bereid is
verzet uit handen te geven
soms graaft verdriet
een stralende zondag in jou
als opstand weigert
te verdrinken in zwakte
steeds kleurt evenwicht
een luchtige wolkensluier
als overtuiging weet
dat gevoel wel overgaat
een druilerige regendag in mei
als overgave bereid is
verzet uit handen te geven
soms graaft verdriet
een stralende zondag in jou
als opstand weigert
te verdrinken in zwakte
steeds kleurt evenwicht
een luchtige wolkensluier
als overtuiging weet
dat gevoel wel overgaat
Abonneren op:
Posts (Atom)