vrijdag 2 november 2012

Kerkhofblommen


Als het weer naar duister neigt,

de wolken zich in flarden scheuren langsheen de overvloed aan kerktorens die zich van de Westhoek over het Hageland tot diep in de Kempen als ter hemel weggeschoten pijlen kris kras in het landschap hebben geboord, is de tijd weer aangebroken.

De somberheid vervult onze Vlaamse harten en ‘familiegewijs’ trekken we na het obligate gebraad met groentenkrans en kroketten , overspoeld met bruine streekbieren en olierode wijnen naar de kerkhoven.

De sfeer van Vlaamse kermis is nooit veraf als de “kleine zelfstandige” neerstrijkt (net als de ordinaire straatduiven op Picadilly dat doen wanneer ze worden aangetrokken door de uitgedeelde mais en dit met een ongekende brutaliteit uit je handen pikken) voor de poorten van het kerkhof.

Chrysanten…

Het moeten ná pisbloemen zowat de meest ordinaire blommen zijn.

Maar ze passen perfect.

Ze versterken de bleke schamelheid die zich schildert op de gezichten van zij die ‘ter grave’ gaan. Je ruikt de keuken nog in hun kleren, de vadsigheid waarmee ze zich doorheen deze doorregende dag hebben geworsteld. Je hoort de stiltes die zijn gevallen toen de gesprekken aan tafel verstomden en er nog maar een glas werd op gedronken. Je voelt het gebrek aan begrijpen. De onmogelijkheid om zichzelf te verheffen doch slechts mee te gaan in de stoofpotmentaliteit die er heeft voor gezorgd dat er nog net geen muren omheen de “heerlijkheid” Vlaanderen zijn gebouwd.

Het is dé kerkelijke schaamlap voor onze vergetelheid die bij het vlieden van de tijd onvermijdelijk omvangrijker wordt en die bij de Godvrezende Vlaming een sluipend schuldgevoel doet wortelen in zijn reeds genetisch bezwaarde gemoed.

We kopen onze schuld af met blommen en een nutteloos bezoek.

Alles is nutteloos voor een overledene,dus ook het zich herinneren ervan.

Iets lijkt ons te verplichten om hen in gedachten te eren, maar het is me al die jaren nooit duidelijk geworden wat juist.

Het is niet meer dan wat egoïstische hoop dat we zelf nooit zullen worden vergeten.

Maar vergeten worden zullen we, uiteindelijk altijd.

Slechts enkele personen zullen in herinnering de tand des tijd doorstaan en zelfs zij hebben een beperkte houdbaarheid. Want wanneer de mens zal zijn uitgestorven zullen zij ook samen met hen verdwijnen.

Onze necrologie doet er niet toe, enkel wat je nu daadwerkelijk doet heeft belang,- ‘bij leven en welzijn’ om seksuele delinquent Jos Ghysen eens te parafraseren.

Een leven is zinloos.

Al zeker wanneer men het nadien gaat bespiegelen.

Het leven is nu.

In al zijn banaliteit en grootsheid. Met al zijn pijn en vreugde.

Ik hou niet van terugkijken en bijgevolg herinner ik me mijn doden niet.

Het brengt mij niets bij en hen al zeker niet.

Zand erover en zo hoort het.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Opmerking: Alleen leden van deze blog kunnen een reactie posten.