Het was storend als winterregen die maar niet wil overgaan
in vederlichte sneeuw.
Twee hologige mensen in het vale licht van een filmcamera
staarden waterig en bloeddoorlopen voor zich uit.
“Ik heb geen talent voor geluk” herhaalde hij nog maar eens
toen een verbaasde reporter de begrafenissfeer vastlegde.
Zij had geen talent- tout court -zo leek het, hoewel ik dat
niet kon geloven.
Geen nabijheid leek verder af dan wat deze twee verdwaalden
ooit bij elkaar hadden gezocht.
Elke vorm van tevredenheid moet in de loop der jaren
vakkundig zijn gewurgd.
En toch waren er kinderen.
Hoe hard ik ook mijn best deed , ik kon me nauwelijks
intieme taferelen voorstellen.
Of misschien toch dit beeld :
Zij, met de benen zo goed als gesloten, strak naar het plafond
starend terwijl ,hij, geïrriteerd zwetend, als een polderboer, haar mechanisch doorploegde
tot hij oncontroleerbaar achterliet wat
zij liever niet aanschouwde.
Hij was de, ondertussen afgeslankte, belichaming van de
Vlaamse volksaard.
Mocht er al, onverhoopt,
een straaltje geluk ontspruiten aan het neurotische brein van deze man,
dan zal het waarschijnlijk haar oorsprong vinden in dat besef.
Overal ter wereld zou hij worden beschouwd als een
zonderlinge eenzaat met een potsierlijk onvermogen zichzelf te relativeren,
maar hier , in Vlaanderen, werd hij gezien als een voorbeeld, omdat de Vlaming
net als zuigende polderklei gegeseld door een strakke Westenwind, niets liever
doet dan verzuipen in verzonnen
verongelijktheid.
De Bourgondiër die hij nooit écht was geweest maar waarvan
zijn lichaam destijds de schijn ophield bleek te zijn gestorven samen met het
leeglopen van zijn omvang.
De enige zonde die hem mens maakte was verschrompeld tot een
overschot aan vel dat schamel om zijn koude botten hing .
In een lichaam gaat uitdroging veelal gepaard met verzuring
en blijkbaar zette dit zich bij hem ook transcendent door.
Ik werd overspoeld door een gevoel van medelijden die mijn
irritatie verdronk in een zee van weemoed.
Als momenten van electorale overwinning bij een politicus geen
tevredenheidsgevoel teweeg brengen maar slechts een zeurderige lamentatie over
wat nu gaat volgen bewijs je het ongelijk van de democratie en verzin je voor
jezelf een Messiascomplex.
In een laatste poging enige olijkheid tentoon te spreiden
ging hij, thuisgekomen, de vuilbakken buiten zetten in een ultiem gebaar van
gespeelde nederigheid . Desondanks dit beeld zowat alles leek samen te vatten vond
hij het nodig dit ook nog eens verbaal te moeten verduidelijken.
Hij wist heel goed dat het net dit soort toneeltjes was
waarmee hij de doorsnee flapdrolvlaming
kon bekoren.
Zijn echtgenote die van het neurasthenische type leek stond bedremmeld in de deuropening te wachten met
ogen die in stilte schreeuwden of het
filmen nu alstublieft kon stoppen, zodat zij en haar bekende echtgenoot zich
konden terugtrekken in hun wat ruimer dan doorsnee bemeten eengezinswoning zonder echter grootheidswaanzin te
verzinnebeelden.
Het was een klassiek voorbeeld van Vlaamse architectuur dat door
zijn lelijkheid volledig op zijn plaats stond in de lintbebouwing waarin het destijds door een
vernederde architect met” niet teveel grote manieren verdomme” was opgetrokken.
De cirkel was rond.
Het zich wentelen in de verliefdheid op de eigen vernedering
kon beginnen.