Niets vertwijfelde toen koude regen hem in het
gezicht sloeg
November was de maand die nooit had mogen bestaan
Het ijs woonde diep tussen lever en nieren
waar de koude fusie zich ooit had voltrokken
Daar vormde zich de graat van een gewerveld bestaan
De volgende stap
,de verlossing,
plooide onder het gewicht van singulariteit.
Het leven tintelde in haar vingertoppen
Iets zou haar schepping aanraken
En dan niets meer willen
Herleid tot de essentie
van aders als zilverblauwe kabels
waardoorheen niets hevig stroomde
Tot ze verstikten in afwezigheid van leven
Zo zouden ze zich ontdoen van zijn begin
en.
Van haar werd niets ontdaan
Ze werden
iets.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten
Opmerking: Alleen leden van deze blog kunnen een reactie posten.